"Ik neem de fiets, zodat ik zonder zorgen iets kan drinken." Het is een uitspraak die we dagelijks horen, maar die in de politierechtbank vaak een dure prijs heeft. Veel weggebruikers gaan er ten onrechte van uit dat de wetgeving rondom alcohol enkel geldt voor gemotoriseerde voertuigen. De realiteit is echter dat de wet de fietser in dezelfde categorie plaatst als de autobestuurder. In dit artikel lees je de mogelijke gevolgen en straffen.
Geïntoxiceerd of dronken fietsen?
Eerst en vooral is het cruciaal om het onderscheid te begrijpen tussen twee gradaties van alcoholgebruik in het verkeer en dus ook op de fiets:
- Geïntoxiceerd fietsen: Uw alcoholgehalte overschrijdt hierbij de wettelijke grenswaarden (0,22 mg/l of 0,5 g/l). Dit is een objectieve vaststelling door middel van een ademtest of bloedproef.
- Dronken fietsen: Dit is een subjectieve vaststelling door de politie. De vaststelling is niet gebaseerd op een cijfer, maar op uw fysieke onbekwaamheid om veilig deel te nemen aan het verkeer.
Welke sanctie riskeert u?
Het idee dat men als fietser "geen rijbewijs nodig heeft" en dus geen rijverbod kan krijgen, is een gevaarlijk misverstand. De wegverkeerswet voorziet in zware maatregelen:
- Geldboetes: deze variëren naargelang de graad van intoxicatie of dronkenschap.
-
Rijverbod:
- Bij intoxicatie: De rechter kan een rijverbod van minstens 8 dagen en ten hoogte 5 jaar opleggen.
- Bij dronkenschap: De rechter is verplicht een rijverbod van minstens één maand (en ten hoogte 5 jaar) op te leggen.
- Herstelexamens: De rechter kan u verplichten opnieuw theoretische of praktische rijexamens af te leggen.
- Het alcoholslot: Bij een promillage vanaf 0,78 mg/l of 1,80 g/l of wanneer u in staat van dronkenschap verkeert, riskeert u een alcoholslot.
(!) De rechter kan ervoor kiezen om van het rijverbod en de herstelexamens af te wijken in geval de overtreding werd begaan met een voertuig dat niet in aanmerking komt voor een rijverbod zoals bijvoorbeeld de fiets.
(!) De rechter kan er ook voor kiezen geen alcoholslot op te leggen terwijl de grens van 0,78 mg/l of 1,8 g/l wel werd overschreden. Dit is geen automatisme bij fietsers en de rechter dient dit dan ook uitdrukkelijk te motiveren.